Het is deze keer echt heel lang geleden sinds ik hier nog iets postte. Bij tijd en wijle heb ik het overwogen om mijn blog gewoon stop te zetten. Ik denk niet dat hier nog veel mensen komen kijken en/of lezen, en de relevantie van het geheel is in die optiek soms nogal ver te zoeken. Het is ook voor mij wel duidelijk dat deze blog een uitlaatklep is op momenten dat ik een uitlaatklep nodig heb. Op dergelijke momenten is deze blog dan ook echt wel zinvol voor mij. Enkel en alleen voor mij waarschijnlijk, want echt leuk kan het niet zijn om steeds weer de negatieve dingen mijnes levens te lezen. Ik heb ook al overwogen om het ouderwetse dagboek weer in te voeren, maar om xe9xe9n of andere reden lijkt dat toch ook niet altijd te werken. Ik denk dat het blijven schrijven op deze blog te maken heeft met het feit dat je af en toe een bemoedigende, troostende reactie krijgt van iemand die meeleest, wat maakt dat je je gehoord voelt.
Dat ik op dit moment ook even een uitlaatklep nodig heb, had u na voorgaande uitingen natuurlijk al wel kunnen raden.
Ik ben nu drie maanden aan het werk op mijn nieuwe job. Management Assistant. Of noem het: secretaresse. Beide termen dekken uiteindelijk dezelfde lading. Ik ben hier met een klein hartje aan begonnen. Ik was zoals gewoonlijk bang en onzeker, maar toch… hoe langer je aan het werk bent, hoe meer je volgens mij je eigen kunnen kan inschatten. Ik was er dus toch enigszins van overtuigd dat ik het wel zou kunnen. Ik wist dat het niet makkelijk zou zijn in het begin. Het clichxe9 "Alle begin is moeilijk" is niet voor niets een clichxe9. Maar toch. Je verwacht bepaalde dingen omdat ze beloofd zijn of omdat ze logisch lijken, en als aan je verwachtingen niet voldaan wordt, ben je teleurgesteld. Ik verwachtte een opleiding, omdat die me beloofd was, maar ik heb geen opleiding gekregen. Ik verwachtte begeleiding, omdat dat me eveneens beloofd was – meer zelfs: het was voor mij een voorwaarde om uiteindelijk voor deze job te kiezen – maar ik kreeg helemaal geen begeleiding. Integendeel. Ik citeer mijn baas op mijn eerste werkdag: "Het is beter om je vanaf dag xe9xe9n in het diepe te gooien." Dat is fout. Mijn baas wist duidelijk niet dat ik in het begin houvast nodig heb. Het kan goed zijn dat die strategie voor anderen wel werkt, voor mij werkt ze niet. Ik had dat ook aangegeven bij mijn sollicitatie en zelfs later nog. Ik voelde me van in het begin een beetje "in het zak gezet". Komt daarbij dat ik hier alleen zat om een team van acht advocaten te ondersteunen. Advocaten die het geweldig leuk vonden dat ze plots weer een secretaresse hadden. Gevolg: heel veel werk en heel veel stress. Niet dat het werk zo veeleisend is: kopixebren, kopixebren en nog eens kopixebren en dingen overtypen. Maar altijd alles op het laatste nippertje. Als het eigenlijk al bijna txe9 laat is. Bovendien zijn enkele van die advocaten xe9cht moeilijke mensen. Zo moeilijk dat ze zelf toegeven dat ze echt moeilijk zijn. Opvliegend, veeleisend, humeurig… Maar goed… ik wist dat er een maand later een nieuwe collega zou komen. Dat zij – ocharme – voor de moeilijkste van mijn bazen zou mogen werken. En niet alleen voor hem, ook nog voor enkele anderen. Dat ik dus minder werk zou hebben. Dat ik een collega zou hebben. Dat er iemand zou zijn met wie ik mijn ervaringen zou kunnen delen. Iemand die zou begrijpen wat ik hier soms doormaak omdat zij het ook doormaakt. Daar keek ik naar uit. Enorm. Ik ben haar op haar eerste dag bijna om de hals gevlogen. Als ik al bevooroordeeld was, dan was ik zeker in positieve zin bevooroordeeld. Al snel bleek dat mijn collega nogal negatief ingesteld was. Niet zomaar af en toe eens klagen en zagen, zoals ik zelf van tijd tot tijd ook wel eens pleeg te doen (iets wat jullie natuurlijk nog nooit gemerkt hebben), maar echt negatief over alles en over iedereen. Ik geef toe: ik werk hier ook niet altijd even graag. De sfeer is hier vaak niet goed. Ik heb hier al mensen horen en zien roepen en tieren tegen elkaar, zoals ik nog nooit iemand heb horen of zien roepen en tieren tegen iemand anders. Maar toch… als je niet probeert je te focussen op de positieve dingen, dan ga je er gewoon aan onderdoor. Ik deed en doe nog steeds mijn uiterste best om door te bijten, niet op te geven, er het beste van te maken, maar… dat is verdorie toch wel heel moeilijk als je een collega naast je hebt zitten die de volledige acht uur per dag letterlijk alles hier zit af te breken. Als je haar moet geloven is iedereen hier slecht van inborst, is het werk dat wij moeten doen belachelijk of juist te veel gevraagd, heeft echt iedereen het slechtste met elkaar voor, enz. Ik heb echt mijn best gedaan om haar leuk te vinden, om vriendelijk te zijn, maar ik moet eerlijk toegeven dat ik nu op het punt gekomen ben dat ik dat opgegeven heb. Nadat ze me gisteren net die ene keer te veel iets toegesnauwd had en ik uiteindelijk dan toch even mijn zelfbeheersing verloor, vind ik het hier niet meer houdbaar. Op deze manier en in deze sfeer kan en wil ik niet werken. Het werk op zich is niet het werk mijner dromen, maar ik weet dat ik er tevreden mee zou kunnen zijn als ik fijne collega’s had. Het feit dat mijn collega niet in staat is om vriendelijk en enigszins positief te zijn, maakt dat ik hier vaak acht uur lang op mijn tanden zit te bijten. Dat is niet leuk. Ik wil niet opgeven, maar ik begin steeds vaker te beseffen dat ik zo niet wil leven. Ik voel me er niet helemaal goed bij, maar ik denk eraan terug te gaan solliciteren.